Terug naar overzicht

Jaargang 20, 2016 - nummer 2


Artikelen

Duijnen, P. van, Brok, C. (2016): Unieke toepassing dijkstabilisatie met ankers en geotextielen. Geotechniek 2016, nr. 2, p58.

In Nederland zijn er veel dijkwoningen waar rondom veel stabiliteitsproblemen zijn met de belendende dijken. Dergelijke situaties zijn vaak complex waardoor direct gerichte oplossingen vaak niet worden uitgevoerd en meer aan symptoom bestrijding wordt gedaan. Er ontstaat steeds een repeterend probleem dat zich langzaam voortsleept in de tijd. Bij het dijkhuisje aan Maasdijk 22 te Aalst is het uitgangspunt geweest om nu voor eens en voor altijd het probleem op te lossen. In deze oplossing is het gebruik van geotextielen verwerkt.


Linde, M.J.W. ter, Brugman, M.H.A. (2016): Paalmatras A15 Benelux: van ontwerp naar uitvoering. Geotechniek 2016, nr. 2, p42.

Voor de verbreding van de A15 tussen de Maasvlakte en het Vaanplein is bij knooppunt Benelux gekozen voor de aanleg van een paalmatrassysteem.

Het ontwerp is gemaakt conform CUR 226:2010, waarmee een gedegen ontwerp wordt gemaakt. Vergelijking van dit ontwerp met de herziene CUR 226:2016 geeft aan dat dit een mogelijke optimalisatie met kortere paallengtes geeft, maar dat er geen significante verschillen optreden voor de toegepaste geokunststofwapening.

Bij de uitvoering van het paalmatrassysteem bleek echter dat een gedegen ontwerp nog geen onvoorwaardelijke garantie is voor een probleemvrije uitvoering. Ten gevolge van een aantal onvoorziene uitdagingen was het daarom noodzakelijk om het oorspronkelijke ontwerp aan te passen met behulp van een aantal inventieve aanvullende constructie elementen.


Schippers, R., Seters, A. van, Langhorst, P., Yahyaoui, A. (2016): Ontwerp van een verankering volgens NEN 9997-1;2016. Geotechniek 2016, nr. 2, p22.

In Geotechniek van januari 2008 is in een artikel de stand van zaken belicht met betrekking tot de berekening van verankeringen volgens hoofdstuk 8 van EN 1997-1 ‘geotechnisch ontwerp van constructies’, EN-1537 ‘uitvoering van bijzonder geotechnisch werk, grondankers’ en EN(V)22477-5 ‘geotechnical investigation and testing’. In het artikel werd geconcludeerd dat het op dat moment niet mogelijk was om een verankering compleet volgens Eurocode te ontwerpen, uit te voeren en te testen, aangezien de verschillende relevante normen hiervoor onvoldoende op elkaar waren afgestemd. Inmiddels is de gereviseerde uitvoeringsnorm NEN-EN-1537;2015 formeel gereed en is de tekst van hoofdstuk 8 van EN 1997-1 aangepast.

In de nieuwe versie van hoofdstuk 8 zijn voor iedere lidstaat bepaalde keuzevrijheden voorzien, die tot uitdrukking komen in zogenaamde National Determined Parameters of NDP´s. Deze NDP´s zijn voor Nederland inmiddels vastgesteld en opgenomen in de gereviseerde NEN 9997-1;2016, die officieel in de loop van 2016 wordt gepubliceerd. Aanwijzing door het Bouwbesluit volgt op 1 januari 2017. Als sluitstuk van de harmonisatie wordt in Europees verband momenteel door de commissie TC 182 WG3 nog gewerkt aan het definitief maken van de testnorm voor grondankers, die zal worden uitgebracht als EN ISO 22477-5. Naar verwachting wordt deze norm nog in 2016 in definitieve vorm gepubliceerd.

In dit artikel wordt ingegaan op de verschillende doorgevoerde wijzigingen en de achtergrond daarvan. Verder wordt aan de hand van een eenvoudig voorbeeld toegelicht hoe de berekening van een verankering volgens NEN 9997-1;2016 verloopt en wordt aangetoond dat de uiteindelijk berekende dimensies hetzelfde veiligheidsniveau bezitten als voorheen met berekening volgens CUR 166 ´damwandconstructies´.


Schrader, J.G.F. (2016): De innovatieve voeg voor tunnelbakken: lange termijn praktijkervaring. Geotechniek 2016, nr. 2, p52.

Nadat Ooms Civiel in samenwerking met de afdeling Bruggen van de Bouwdienst van Rijkswaterstaat de Ooms-voeg voor integraalviaducten had ontwikkeld en succesvol op de A50 had aangebracht, heeft de afdeling Voegen van de Bouwdienst van Rijkswaterstaat in 2006 bij Ooms de vraag neergelegd een voegconcept te ontwikkelen voor de tunnelbak in de A65 bij Vught. Doel hierbij was de grote geluidsoverlast voor de omwonenden weg te nemen via een voegloze oplossing. Voordeel voor de wegbeheerder is, dat de gerealiseerde oplossing tevens onderhoudsarm bleek. De innovatieve voeg voor tunnelbakken is vervolgens ook in Den Haag, Groenlo en Winschoten aangebracht. De voegen zijn momenteel nog steeds schadevrij. De verwachting is dat dit voegconcept in 2016 aan de (digitale) meerkeuzematrix voor voegovergangen kan worden toegevoegd.


Smienk, E. (2016): Duurzaamheidsaspecten bij funderingen en ondergronds bouwen. Geotechniek 2016, nr. 2, p10.

Voorliggend artikel geeft inzicht in het algemene kader en actuele trends bij de beschouwing van duurzaamheidsaspecten, toegespitst op ondergronds bouwen en funderingen. Er worden handvatten gegeven voor de waardering c.q. kwantificering van duurzaamheid aan de hand van overzichten en rekenvoorbeelden. Specifieke aspecten met betrekking tot het ontwerp, de materiaalkeuze en de uitvoeringsmethodes bij funderingen en ondergronds bouwen worden benoemd waarbij het accent ligt op de CO2-emissie. Tenslotte wordt ingegaan op de marktontwikkeling bij paalfunderingen op het gebied van duurzaamheid.


Vastenburg, E.W., Berg, F.P.W. van den (2016): Gebiedsdekkende quick-scan dijkveiligheid door geautomatiseerd rekenproces. Geotechniek 2016, nr. 2, p34.

Het klimaat verandert. Dit heeft grote gevolgen voor de dijkveiligheid. De vraag naar gebiedsdekkende veiligheidsanalyses neemt toe. Het handmatig uitvoeren van deze analyses is zeer tijdrovend. De laatste jaren wordt een ontwikkeling gezien in het automatiseren van dijksterkte-analyses . Daarnaast worden gebiedsgegevens meer en meer in een Geografisch Informatie Systeem beheert (GIS). Om na te gaan of geautomatiseerde rekentechnieken gebruikt kunnen worden voor een gebiedsdekkende quick-scan van de dijkveiligheid zijn een tweetal pilots uitgevoerd: Xinyi Rivier in China en de Mississippi in de Verenigde staten. Hierbij is gebruik gemaakt van de Dijksterkte Analyse Module (DAM), een set van globale gegevens en een stochastisch ondergrondmodel.